/Evert

Evert

De hoogmis van SportDrenthe is het jaarlijkse Sportgala. Ik denk dat ik al gauw de laatste tien edities heb mogen bijwonen. De voorbereiding ging niet altijd zonder slag of stoot. Dan weer was er gedoe over geld. Dan weer was er geen goede locatie te vinden. En dan ontbrak het weer aan een goede presentator.

De editie in de gemeente Aa en Hunze zal ik niet gauw vergeten. Plaats van handeling was het prestigieuze vakantieresort Hof van Saksen. Later doken we weer de theaters in. Maar toen we er nog voor kozen om alle twaalf gemeenten op zijn tijd aan te doen, kwamen we ook wel eens uit op dit soort locaties. Niet iedere gemeente kan immers terugvallen op een theater. Zo herinner ik me ook nog wel een editie in een of andere circustent.

Ik was in die tijd burgemeester in Aa en Hunze. Zo kwam ook de vraag naar boven of het niet leuk zou zijn om een duo te vormen met presentator Evert ten Napel die blijkbaar al was gestrikt. Ik zat al een paar jaar in het bestuur van SportDrenthe, dus ik had al de nodige ervaring met de wisselende opzet van het gala. Maar een duo-presentatie met een professional (want dat was Evert nog steeds) en een burgemeester was nog niet vertoond.
Ik zei iets te snel ‘ja, leuk’, dat overkomt me wel vaker. Evert ten Napel kende ik natuurlijk van tv, maar daar hield het wel zo’n beetje bij op. Ik had de nodige presentatie ervaring, maar samen met een echte prof op een gala dat er echt toe doet, had ik nog nooit gedaan. Bovendien bleek dat er nauwelijks tijd was voor overleg.

In mijn herinnering gaven we elkaar een uurtje voor het gala een hand. We namen het draaiboek door, dat echt ‘op hoofdlijnen’ was samengesteld. “Komt wel goed, jong,” zei Evert, terwijl hij mij een knipoogje gaf. Plankenkoorts heb ik zelden, maar die avond vond ik het toch wel wat spannender dan normaal. Bovendien is een thuiswedstrijd dan eerder een nadeel dan een voordeel.

Desondanks werd het een mooie avond. Het vakmanschap van Ten Napel droop er vanaf, en we vormden op de een of andere manier een natuurlijk koppel. De recensies waren positief, “alsof jullie het al jaren samen deden”.

Natuurlijk kwam ik de heer Ten Napel (“zeg maar Evert”) nog vaak in Noordelijke sport-kringen tegen. Vaak hadden we het nog wel even over onze schnabbel in Nooitgedacht.
Het laatste jaar zien we elkaar aan De Meerdijk bij FC Emmen. Iets verderop werd hij geboren. In Klazienaveen is een flat naar zijn opa Evert genoemd, als herinnering aan zijn verzetsdaden.
Bij de eerste thuiswedstrijd in de eredivisie spreken we elkaar kort, want Evert moet verslag doen en ik nog meer handen schudden. Hij slaat me op de schouder: “deksels, wat mooi burgemeester, wie had dat gedacht”. We hebben het nog even over ons Sportgala. Even later hoor ik hem galmen: “ja, schiet maar jongen!”

Eric van Oosterhout

2019-07-01T14:57:30+02:0005 juli 2019|